De eeuwige vraag: 'ben ik wel goedgenoeg?'

De eeuwige vraag: 'ben ik wel goedgenoeg?'

When you grow high you can fall down. Het zijn de woorden van een collega die zichzelf nooit goed genoeg heeft gevonden, als mens niet, als zorgverlener niet, als moeder niet en als vrouw niet. Ze heeft heel haar leven gevochten voor haar plekje, ze deed altijd een stapje harder en hoe vaak we het ook benoemde het maakte niet uit. Steeds opnieuw ging ze een strijd met zichzelf aan. 

Toen ik Lenny leerde kennen was ze al ziek, ze werkte in het ziekenhuis en we spraken vaak. Ze vertelde mij over haar strijd en hoe ze alles probeerde hoog te houden, het lukte haar maar tegen welke prijs? De eerste maanden wist alleen ik van haar ziekte, uitgezaaide kanker, niets aan te doen. Ze was er eigenlijk wel blij mee, eindelijk rust. Toen vond ik dat best vreemd, ze heeft kids en een man. Maar als ik iets heb geleerd in mijn werk dan is het nooit te oordelen, ik ken hun verhaal niet en dat is maar goed ook.

Lenny was van kinds af aan nooit goed genoeg, haar nichtjes waren slank, Lenny was een gezellige dikkerd zoals ze dat op honende toon over zichzelf kon zeggen. Ze werd verpleegkundige A, maar bleef in de ogen van haar familie altijd een dom zustertje. Haar man verwachtte iedere avond om 17u eten op tafel, de opvoeding van de kinderen kwam op haar schouders neer. Ze werkte 's nachts en zo is dat jaren doorgegaan, tot haar man bij har vertrok voor een geweldig mooie vrouw. Dat zijn trouwens haar woorden, niet de mijne. In haar werk deed ze alles om aardig gevonden te worden, haar collega's waardeerde haar enorm.

Verjaardag

Haar laatste verjaardag hebben we in de zaal onder het ziekenhuis een surpriseparty gegeven, zoals ieder jaar werkte ze met haar verjaardag. Voor de patiënten had ze taart en voor de mensen die dat niet mochten had ze een cadeautje gekocht, alles om maar aardig gevonden te worden. Aan mij de schone taak als zzp'er om haar naar de kelders te lokken, daarna zou ik haar patiënten overnemen en mijn werk gaan doen samen met het team zzp'ers dat werd ingevlogen omdat alle collega's erbij wilde zijn. Lenny was zo goed als meubilair van het ziekenhuis ze was de eerste die in dit gebouw diplomeerde. Ze heeft op iedere afdeling gewerkt en werkte 7 op 7 af, alle artsen waren door Lenny 's nachts wel is uit hun bed gebelt. Sommige zelfs bedreigd met een tuchtzaak als ze niet heel snel maakte dat ze in huis kwamen, want hoe onzeker ze ook was, ze vocht als een leeuw voor de gezondheid van haar patiënten. Sommige artsen vertrouwde blindelings op haar visie, en vooral de oude garde waren groot geworden met Lenny.

Maar goed onder het mom van even een bed uit de centrale halen lokte ik Lenny mee naar beneden, vanaf de dienstlift tot de ingang van de zaal stonden de artsen, collega's en vrienden van Lenny in een soort ere haag. Met zijn alle zongen ze toen de deuren open gingen, vol verbazing keek ze en stapte ze de lift uit.

Overleden.

Een half jaar daarna overleed ze, haar kinderen en ex-man waren niet op de crematie, ze had rust gevonden en hoefde zichzelf niet meer te bewijzen. Ik weet hoe verschrikkelijk ze daarmee gevochten heeft, ze vertelde dat ze 's nachts vaak huilde omdat ze zichzelf zo onzeker voelde.

Lenny

Lenny heb ik nog lang herinnert als een warm persoon maar wat ik wel van haar heb geleerd is dat ik niemand, helemaal niemand op mijn kop laat zitten. Er is geen leidinggevende, familielid, vriend, patiënt of arts die mij zal zeggen dat ik het niet waard ben. Rechte rug, in mijn geval mijn cup A spekvet vooruit en ik zal nooit naar de grond kijken. Ik hoef niet te vechten, ik heb mijn plekje op deze aarde 24 jaar geleden al verdient door levend uit mijn moeder te komen.


Over de schrijver
Ik ben Julian Hooikaas, 24 jaar oud en werkzaam in de zorg. Ik schrijf de leuke, maar ook de minder leuke gebeurtenissen in mijn vak op. Je leest ze hier voor mij is het een uitlaatklep en mijn steun en toeverlaat af en toe.